Nederland wordt uitgewoond
Je merkt het overal. Een woning kopen is voor veel Nederlanders onbereikbaar geworden. De zorg piept en kraakt, defensie is jarenlang uitgehold en nu blijkt zelfs de infrastructuur, het fundament onder onze economie, langzaam te bezwijken. Niet door een natuurramp of een economische crisis, maar door jarenlange politieke keuzes waarbij de eigen voorzieningen steeds verder naar de achtergrond verdwenen.
De Merwedebrug is daar het zoveelste bewijs van. Sinds 18 juli mogen vrachtwagens niet meer over deze cruciale verbinding in de A27. Een van de belangrijkste routes tussen de Rotterdamse haven en het Europese achterland is plotseling ongeschikt voor zwaar verkeer, omdat delen van de stalen draagconstructie veel zwakker blijken dan aaangenomen.
Wie doet alsof dit onverwacht kwam, probeert vooral zijn eigen verantwoordelijkheid te ontlopen. Al in 2016 werd dezelfde brug met spoed afgesloten vanwege scheuren. De waarschuwing lag er al tien jaar, maar Den Haag greep niet in. En de Merwedebrug staat niet op zichzelf: bijna 1.200 bruggen en viaducten moeten worden gerenoveerd of vervangen. De Algemene Rekenkamer waarschuwt al sinds 2014 dat het onderhoud van onze infrastructuur structureel wordt verwaarloosd, met een achterstand die inmiddels is opgelopen tot 34,5 miljard euro. Rijkswaterstaat moet noodgedwongen onderhoud uitstellen, niet omdat het niet nodig is, maar omdat het budget ontoereikend is.
En en misschien is dát nog wel de pijnlijkste conclusie. Want geld is er wel. Voor internationale steun aan bijvoorbeeld: Oekraïne, de D66-klimaathysterie en de opvang van asielzoekers worden zonder aarzelen jaarlijks miljarden vrijgemaakt. Maar als het gaat om de bruggen en wegen waar onze economie op draait, is het antwoord ineens dat de kas leeg is. Dat is geen financieel probleem, dat is een prioriteitenprobleem.
Een handelsland zonder betrouwbare infrastructuur is als een huis zonder fundering: je kunt de gevel blijven schilderen, maar vroeg of laat ontstaan de scheuren. Terwijl onze wegen verwaarloosd worden, lopen ondernemers vast en verliezen we terrein aan concurrerende havens als Antwerpen en Hamburg. En dat terwijl de transportsector al fors meebetaalt. Vanaf 2026 betalen vrachtwagens via de vrachtwagenheffing per kilometer, maar door omleidingen en afgesloten bruggen worden ze nu juist op extra kosten gejaagd.
Dat nu ook de roep klinkt om automobilisten via tol of extra heffingen te laten opdraaien voor dit achterstallig onderhoud, is de omgekeerde wereld. Automobilisten hebben via wegenbelasting, accijnzen en BPM hun bijdrage allang geleverd. Nu opnieuw de portemonnee laten trekken is geen oplossing, maar het doorschuiven van de rekening van falend beleid naar de belastingbetaler.
Nederland heeft geen inkomstenprobleem, maar een uitgavenprobleem. We hebben onze basisvoorzieningen jarenlang laten verloederen terwijl geld moeiteloos elders naartoe ging. Dat onze bruggen bezwijken is geen natuurverschijnsel, maar het directe resultaat van jarenlang verkeerde keuzes. En het goede nieuws van een politieke keuze is dat je hem ook weer kunt terugdraaien: door Nederland en de Nederlanders weer op één te zetten.